Ecologische hotspot in woonwijk


“Collievlinderpad... een verfrissend stukje Roeselare”

Net als bij de problematiek ‘wateroverlast’ in het Groenpark, hebben we ons ook voor dit project laten adviseren. De kritische maar constructieve bemerkingen van de PhD Biologie zorgen ervoor, dat wij ons voorstel ‘Beheerplan Collievijverbeek’ willen bijsturen om tot een waardevol beheer van de beek te komen zodat de Collievijverbeek kan floreren in al zijn functies. Onze voorstellen tot het intensief (lees meerdere malen per jaar) maaien van de beekoever en het eventueel vervangen van ecologisch relevante oudere knotwilgen door jonge exemplaren, passen niet in het plaatje ‘COLLIEVLINDERPAD’.

De bevindingen van de ecoloog leerde ons het volgende:


Huidige ecologische waarde

Ontegensprekelijk is de Collievijverbeek één van de vuilste beken van Vlaanderen, met een schandalig slechte waterkwaliteit en een zo goed als onbestaand waterleven (jammer genoeg draagt het slecht functionerend overstort aan de Cipressenstraat hieraan bij). Niettegenstaande biedt de beekoever en het wandelpad de noodzakelijke natuurlijke begroeiing en ruigte, van cruciaal belang voor het overleven van toch enkele leuke soorten in de groenarme wijk. Hiervoor zijn ruigte (natuurlijke begroeiing zoals kruidenopslag (fluitenkruid, brandnetels, zuring, boerenwormkruid) en struikjes (bv. vlier) die niet elk jaar gemaaid wordt) en het voorkomen van oudere bomen de sleutel.

De natuurminded wandelaar zal ongetwijfeld genoten hebben vande recente succesvolle broedgevallen van grauwe vliegenvanger, grote bonte specht, spreeuw en pimpelmezen in de knotwilgen die de beek afgrenzen. Knotwilgen hebben een grote waarde voor holenbroedende vogels, zoals spechten, mezen, spreeuw, ... en holtes in mooie oude bomen (dat is nog toekomstmuziek voor de relatief jonge knotwilgen langs de beek) zijn belangrijk voor steenuiltjes en zomerpopulaties van vleermuizen. Het duurt een 30-tal jaar tegen dat een nieuwe knotwilg, enige holtes aanbied voor deze holenbroeders, dus vervanging van de oudere door nieuwe boompjes is een regelrechte aanslag op deze soorten.

De kruid- en struikopslag op de beekoever is van cruciaal belang voor dekking van bepaalde vogelsoorten en dient als kweekkamer voor vlinders en andere nuttige insecten. Jaarlijks broeden waterhoentjes en wilde eend in het 300 m stukje beek, dat is alleen mogelijk door de beschutting die de kruid- en struikopslag van de oever biedt. Willen we deze natuurruigte langs de beek opgeven voor een monotoon kale gras- (op vele plaatsen kale aarde) begroeiing door een te intensief maaibeheer en het ondoordacht vervangen van waardevolle bomen? In het drukbevolkte Vlaanderen komt men meer en meer tot het besef dat natuur in de stedelijke omgeving (en hier in de wijk Groenpark) cruciaal is, en dat dit zoveel mogelijk moet behouden worden. Zeker voor Roeselare, de natuurarmste centrumstad van Vlaanderen (minder dan 1% van het grondgebied is natuur, zie Rapport Natuur op wandelafstand), is het behoud van de zeldzame ruigte van groot belang voor het welzijn van dier, plant en mens. Na de grote achteruitgang van natuur (denk maar aan de veldleeuwerik en patrijs) op het platteland door de landbouwintensificatie, wordt duidelijk dat ook de natuur in de vlaamse steden en woonwijken achteruitgaat door het verdwijnen van ruigtes in de stad (tuintjes en openbaar groen moet steeds properder). Het verdwijnen van ruigtes (als broedplaats van insecten), is bijvoorbeeld één van de belangrijkste oorzaken (samen met het verdwijnen van nestplaatsen onder oude daken) van de dramatische achteruitgang van de huismus in Vlaanderen. Tien jaar geleden was de huismus nog talrijk in het Groenpark, waar zijn onze huismussen in het Groenpark gebleven?

Kritische blik

Het afkalven van de oever van de Collievijverbeek is een natuurlijk proces en wordt natuurlijk ook versterkt door de meer frequente hoge waterstanden van de beek (wat veroorzaakt wordt door het verdwijnen van overstromingsgebieden en de toename van verharde oppervlakten, in stroomopwaarts gelegen gebieden). Maar dit proces van erosie wordt in dit deel van de beek dramatisch versneld door het te intensief maaibeheer. De wortels van de vegetatie zijn natuurlijke vasthouders van de grond, helaas door het tegenwoordig intensief maaibeheer ligt de aarde in de winter bloot op sommige plaatsen van de oever, en die brokkelt dan natuurlijk af en spoelt weg tijdens hoge waterstand. Ik wil opmerken dat bij het beheer van 20 jaar geleden (waarbij de vlakke oevers van de beek maar 1 maal per jaar werd gemaaid) de oevervegetatie veel beter was; het is dan ook onbegrijpelijk dat de maaifrequentie de afgelopen jaren opgevoerd werd ten koste van de stabilisatie van de oevers. Deze positieve impact van de vegetatie kan gemakkelijk waargenomen worden als je de beekoever tussen de Beukenstraat en de Platanenstraat, vergelijkt met het deel van de Platanenstraat tot de inkokering. Het eerste deel van de oever is beter bestand tegen maaien, want de vegetatie groeit hier beter door meer zonlicht; dit in tegenstelling tot de oevervegetatie over de Platanenstraat dat meer beschaduwd is (door de tuinafschermingen aan de zuidkant die het licht wegnemen), waardoor die vegetatie minder bestand is tegen intensief maaien. Het resultaat van de begroeiing is hier dan ook klaarduidelijk: de oever in het eerste deel van de beek is bijna niet afgekalfd, de zogoed als kale oever in het tweede deel van de beek is sterk afgekalfd. Dezelfde redenering geldt natuurlijk ook voor de knotwilgen langs de beek, knotwilgen houden de aarde vast en voorkomt afkalving. Het is dan ook geen toeval dat de sterkste afkalving van de oeverwand opgetreden is op de plaats waar twee knotwilgen gerooid werden; dit ter hoogte van de Elzenstraat.

Overlast van ratten in het Groenpark. Een frequenter maaibeheer wordt aangehaald als maatregel om overlast van ratten te vermijden. Echter, deze stelling mist de nodige wetenschappelijke grondslag. Ten eerste, het is zeker NIET de ruigte of slecht maaibeheer die een explosie van ratten veroorzaakt, maar WEL het voedselaanbod. Het is duidelijk dat een explosie van ratten enkel ontstaat doordat afvalwater (met voedsel) in de beek terechtkomt en doordat voedsel beschikbaar is bij composthopen en kippenrennen in de buurt van de beek. Ten tweede, de rat hoort bij een beek, natuurlijk vele ratten (=rattenplaag) niet. Het is dan ook normaal dat de kans op een rat groter is als je kiest om bij een beek te gaan wonen. De bevraging bij bewoners van het Groenpark geeft totaal geen indicatie voor een rattenplaag. Bij een beek gerelateerd rattenprobleem zouden de meeste waarnemingen van ratten, van bewoners komen die direct naast de beek wonen - dit is nu niet het geval. Het hoeft ook geen betoog dat dergelijke bevraging enkel nuttige en onbevooroordeelde informatie kan opleveren als de datum van de rattenwaarneming vermeld wordt. Indien al deze waarnemingen afkomstig zijn van 1 week, dan is er duidelijk een rattenprobleem in het Groenpark; indien die waarnemingen een samenraapsel is van anekdotische waarnemingen over een langere tijdsperiode dan kan er bezwaarlijk gesproken worden van een plaag. De datum en plaats van een waarneming verschaft natuurlijk onmisbare informatie om een waarneming te beoordelen. Bijvoorbeeld een stijging in het aantal waarnemingen van ratten na hevige regenval wijst niet noodzakelijk op een rattenprobleem, maar op ratten die vollopende riolen en nestplaatsen ontvluchten. Na een behandeling met rattenvergif (wat enkel na het vaststellen van overlast zou mogen toegediend worden), komt het vaak voor dat doodzieke, verdwaasde ratten op de vreemdste plaatsen opduiken.

Constructieve bemerkingen voor het beheer van de beek

De streekeigen vegetatie langs de beek zijn gang laten gaan zodat goede inworteling plaats vindt, slechts eenmaal maaien na juni zodat zaadvorming kan plaats vinden en een dichte ingewortelde oever kan ontstaan, zeer gunstig voor de ontwikkeling van de rupsen die later als vlinder het Collievlinderpad zullen bevolken.

Bloemenweides zijn een noodzaak om adulte vlinders van voedsel te voorzien, zie daarbij naar de succesvolle natuurlijke inrichting van het oud kerkhof. Bloemen inzaaien langs de beekrand is niet aan te raden daar er te weinig licht is en het er ook te voedselrijk is. Daarbij houdt een bloemig landschap de aarde van de beekoevers niet genoeg vast, de ruige vegetatie doet dat wel. Bloemenweides naast de Collievijverbeek kunnen ingezaaid worden op het graspleintje in de Beukenstraat, op het grasplein in de Meelbessenstraat en op het graspleintje in de Cipressenstraat. Die bloemenweides worden eenmaal per jaar na juni gehooid, zodat zaadvorming kan ontstaan. In feite een grote besparing voor de stad, die anders om de haverklap mannen moet inzetten om te komen maaien. Het is belangrijk inheemse bloemen te gebruiken, daarvoor kan voor advies voor geschikte zaadmengsels contact opgenomen worden met Natuurpunt.

Reeds enkele jaren geeft de provincie West-Vlaanderen particulieren de mogelijkheid bloemenzaadmengsels gratis aan te vragen om een hoekje in hun tuin vlinder- en bijenvriendelijk in te richten. De slogan is : 'laat het zoemen met bloemen'. Als de Groenparkers dat massaal doen zijn jullie weer een stapje verder met het project voor het Collievlinderpad.

Deze inrichting gebeurt het best met zo weinig mogelijk verwijdering van oudere bomen of het betonneren van huidige groenzones, dit wil zeggen respectvol omgaan met wat er al is van natuurlijke rijkdom.

Samenvatting

Zoals hierboven beschreven, veroorzaakt teveel ingrijpen in natuurlijke processen een nefaste invloed op een leefgemeenschap met alle gevolgen vandien op fysisch, psychisch en sociaal vlak. Terwijl enkele bewoners van het Groenpark mogelijks dromen van een kraaknette, intensief onderhouden beek; is dit net het rampscenario voor de natuurliefhebbers onder de Groenparkers! De natuurlijke herinrichting van het oud kerkhof in Roeselare toont aan dat natuurlijke inrichting van groen, ook estetisch kan (hiervoor heeft Roeselare zelfs een ‘Groene lenteprijs’ in 2017 in ontvangst genomen).

Besluit

Deze bevindingen kunnen een leidraad zijn om stapsgewijs uit de impasse te komen en tot een echt Collievlinderpad te komen, waar iedereen kan van genieten en zijn zorgen eventjes kan opzij zetten.

Graag uw reactie